© Niels Donckers
287

Lange Munte

Kortrijk
Opdrachtgever: 
Sportdienst Stad Kortrijk
Projectarchitect: 
Jan Verrelst
Projectteam: 
bOb Van Reeth, Jan Verrelst, Bernard Bierten.
i.s.m: 
Lannoo-Snoeck & partners
Periode: 
1999-2000 (ontwerp), 2001-2003 (uitvoering)
Functies: 
sport
Programma: 
Topsporthal.

Ontwerp van een hal voor topsportevenementen op de sportcampus 'De Lange Munte' te Kortrijk. Er wordt gestreefd naar maximale eenvoud door modulatie van bouwonderdelen. Het gebouw bestaat uit een repetitie van verticale betonstructuren (U-vorm), die de dwarse en langse stabiliteit op zich nemen. Deze betonstructuren zijn op de 4 hoeken uitgewerkt als traptorens met daartussen de langsgevels. ‘Holle muren’ geven als horizontale circulatie op de begane grond en eerste verdieping toegang tot de toegevoegde functies zoals kleedkamers, cafetaria, polyvalente ruimte en kantoren, gelegen aan de korte gevels.

Op de betonstructuren liggen de stalen spanten die de overspanning van 50 meter (lengte van de sportvelden) op zich nemen. 
De eenmalige overspanning van de spanten wordt in de kopse gevels overgenomen in de lange, horizontale bandramen die vanuit de cafetaria op de achterliggende sportvelden en vanuit de kantoren op de omgeving een panoramisch zicht bieden.
De twee gebruikte materialen, schijnbaar zo verschillend, werden op dezelfde manier gebruikt, namelijk als scherm. De baksteen ‘drijft’ op het glas. Samen onderstrepen zij hun verschil en gelijkheid. Eenvoudig maar niet neutraal.
Ter plaatse van de kleine stramienmaat is de dakstructuur opengewerkt ten behoeve van de daklichten. Via de daklichten, gematerialiseerd in matte polycarbonaatplaten, valt een diffuus licht het gebouw binnen en verlicht zowel de zaal als de tribunes en de galerijen.
De betonstructuur van de gevels en toegevoegde ruimten is ingevuld met snelbouwmetselwerk dat in de sportzaal, omwille van zijn akoestische kwaliteiten, met de perforatie in het zicht wordt geplaatst. De buitenafwerking in baksteen met gekleurde voeg betracht een monoliet, tijdloos karakter. Esthetisch gezien is het één gestapelde massa in egale kleur.

Het programma van eisen en wensen weet zich flexibel in de structuur in te passen. Het nieuwe inkomgebouw verlegt de benadering van het complex naar de straatzijde. Het verbindingsgebouw maakt de interne circulatie tussen het bestaande en nieuwe gebouw op twee niveaus mogelijk. Beide zijn maximaal in glas uitgewerkt omwille van de transparantie en vormelijke loskoppeling van het nieuwe en het bestaande gebouw.