© Niels Donckers
211

Sonneville

Maastricht
Opdrachtgever: 
Stichting Elisabeth Strouven & Wilma Vastgoed
Projectarchitect: 
bOb Van Reeth
Projectteam: 
bOb Van Reeth, Jan Verrelst, Lieve Werckx.
i.s.m: 
Hoen architecten
Periode: 
1994 (ontwerp), 1996-1998 (uitvoering)
Functies: 
wonen, zorg
Programma: 
84 service appartementen met circa 1.000 m² aan voorzieningen en een ondergrondse parkeergarage.

Het architectuurconcept heeft getracht zich, weliswaar eigenwijs, in te schuiven in de stedenbouwkundige karakteristieken zoals vastgelegd in het Céramique masterplan.
Residentie 'Sonneville' behoort als onderdeel van het Céramique-project tot de zogenaamde circussen. De circussen refereren zich aan de beroemde Engelse voorbeelden zoals men ze aantreft in Bath, Londen, Knightsbridge, de Engelse 'crescents'. Als architect vind je veelal houvast voor het architecturaal concept door te achterhalen wat de geest van de plek is. In dit project was het vooral het masterplan dat deze genius loci bepaalde. Het concept ontstond door wat het masterplan aangeeft als de geest van de plek.
Karakteristiek voor de crescents zijn de sterke formele samenhang, de rustige gevelbeelden, vrij monoliet, vrij monochroom. Deze elementen bepalen hun uitgesproken identiteit. Ramen en deuren zijn, in een repetitief ritme, gaten in doorgaande wanden. De pleinen en tuinen die door de gebouwen worden omarmd, stralen, ook al zijn ze publiek toegankelijk, een privé en intiem allure uit. Het wonen errond is op de tuinen gericht.

Residentie Sonneville is een stedelijk woonblok dat deel uitmaakt van het zogenaamde 'grootcircus' waarvan het door de avenue is afgesneden en daardoor als eigen entiteit herkenbaar is. Niet alleen wat de architectonische identiteit van het gebouw betreft, ook wat de woonsfeer aangaat, is de Sonneville-residentie van een particulier, uniek karakter.
Het concept werd gevoed door de karakteristieken die werden vastgelegd in het programma van wensen en eisen. Deze vallen uitermate goed samen met de stedenbouwkundige intenties van het masterplan. De gewenste allure van het gebouw, de inrichting van de binnentuin, de gemeenschappelijke ruimten, het kwalitatieve afwerkingsniveau, de materiaalkeuze en de detaillering hebben dit verder waargemaakt.
De unieke woonvorm, de flexibele samenhorigheid die de voorziene dienstverlening 'zorg op maat en op verzoek' creëert, weet zich wonderwel in dit bouwblok te huisvesten.